Anne Janssen

Deel op social media

Ruim 8 euro voor 25 kilometer: dit zijn de duurste tolwegen van Europa

Tol betalen zijn we in Nederland niet gewend, maar op vakantie krijgen automobilisten er in veel Europese landen mee te maken. Op sommige trajecten betaal je bijna 15 euro per 100 kilometer, terwijl je voor een stukje van 25 kilometer langs de Spaanse Costa del Garraf zelfs ruim 8 euro kwijt bent. Wegenvignetten.nl zette de duurste toltrajecten op een rij en analyseerde daarnaast de prijzen van Europese toltunnels en -bruggen.

De grootste uitschieter is de Spaanse C-32 tussen Castelldefels en Sitges, vlak onder Barcelona. Voor dit traject van slechts 25 kilometer betalen automobilisten 8,42 euro. Omgerekend is dat bijna 34 euro per 100 kilometer. Ook de Spaanse AP-68 tussen Bilbao en Logroño is relatief duur, met ruim 14 euro per 100 kilometer. Trajecten in Polen, Frankrijk en Italië volgen kort daarachter.

Spanje soms peperduur, andere delen tolvrij

“De prijs per kilometer vertelt vooral hoe zwaar een toltraject relatief wordt belast”, zegt Mattijs Wijnmalen van Wegenvignetten.nl. “Dat betekent niet automatisch dat dit ook de route is waarop vakantiegangers onderaan de streep het meeste betalen. Op lange Franse trajecten kan het totaalbedrag veel hoger uitvallen. Zo kost de rit van Parijs naar Marseille bijna 70 euro aan tol.”

Opvallend is het contrast binnen Spanje. Terwijl enkele korte concessietrajecten tot de duurste van Europa behoren, zijn bekende delen van de AP-7 langs de Middellandse Zeekust inmiddels tolvrij.

Dit is de duurste tunnel

Bij de tunnels voert de slechts 790 meter lange Warnowtunnel bij het Noord-Duitse Rostock de ranglijst aan. Automobilisten betalen daar in de zomer 5,40 euro, oftewel bijna 7 euro per kilometer. De Zwitserse Grote Sint-Bernardtunnel en de Munt-la-Scheratunnel volgen. Voor de ruim 11 kilometer lange Mont Blanctunnel ligt het totaalbedrag met ruim 56 euro juist aanzienlijk hoger.

Ook voor sommige bruggen in Europa moet je tol betalen. Het meest ben je - relatief gezien - kwijt bij het Viaduct van Millau in Frankrijk: bijna 14 euro voor nog geen 2,5 kilometer. De Øresundverbinding tussen Denemarken en Zweden kost met bijna 63 euro het meest in absolute zin.

Overigens is het maar de vraag of het de moeite waard is om een alternatieve route te zoeken om tol te vermijden. Uit eerder onderzoek van Wegenvignetten.nl bleek dat je voor elke 16 euro bespaarde tol moet rekenen op een uur extra reistijd. Vooral vakantiegangers die naar of door Oostenrijk reizen - bijvoorbeeld richting de Kroatische kust of Italië - kunnen beter de tol voor lief nemen.

Tol met camper of caravan vaak fors hoger

Wie met een caravan of camper op pad gaat betaalt vaak aanzienlijk meer tol, al verschilt dat sterk per land. Zo is in Frankrijk vooral de hoogte bepalend, terwijl Italië kijkt naar het totale aantal assen en Kroatië een aparte categorie kent voor auto’s met een aanhanger, waaronder ook caravans vallen. In Spanje blijven een gewone camper en een auto met een enkelassige caravan doorgaans in dezelfde tariefklasse als een personenauto. Alleen zwaardere campers en caravans met twee assen kunnen daar duurder uitvallen. En in Zwitserland heeft een caravan een eigen vignet nodig, terwijl Oostenrijk en Slovenië hiervoor geen apart vignet rekenen.

Over het onderzoek

Voor het onderzoek zijn 62 herkenbare autoroutes, 15 tunnels en acht bruggen en vaste verbindingen vergeleken. Wegenvignetten.nl ging uit van een enkele reis met een gewone personenauto, zonder abonnementen of kortingspassen. Gewone toltrajecten zijn vergeleken op kosten per 100 kilometer; tunnels en bruggen op kosten per kilometer.

0
Jouw winkelwagen
Subtotaal: €0
Afrekenen