Wie deze zomer met de auto op vakantie gaat, is voor brandstof, tol en vignetten vaak minder kwijt dan gedacht. Dat blijkt uit onderzoek van Wegenvignetten.nl onder 1.250 Nederlanders. Alleen Spanje vormt een duidelijke uitzondering: daar vallen de werkelijke autokosten juist fors hoger uit dan vakantiegangers verwachten.
Met de zomervakantie voor de deur lijkt de auto dit jaar opnieuw een populaire keuze. Door onrust in de wereld en minder animo voor verre vliegreizen kiezen veel Nederlanders voor een vakantie dichter bij huis. Maar hoeveel kost zo’n autovakantie eigenlijk? Wegenvignetten.nl vroeg Nederlanders naar hun favoriete autovakantieland en de kosten die zij verwachten te maken voor brandstof, tol en vignetten. Die verwachtingen zijn vervolgens vergeleken met realistische retourkosten naar 27 populaire bestemmingen.
Opvallend genoeg blijken Nederlanders de kosten vaak fors te overschatten. Vooral bij bestemmingen dichtbij huis is het verschil groot. Wie bijvoorbeeld vanuit Utrecht naar de Belgische Ardennen rijdt, is volgens de berekening ongeveer 74 euro kwijt, terwijl Belgiëgangers gemiddeld rekening houden met 257 euro. Ook Duitsland wordt flink overschat: een retour naar het Zwarte Woud kost naar verwachting zo’n 166 euro, terwijl men rekening houdt met ruim het dubbele (351 euro).
“Veel mensen denken bij autovakantie direct aan dure tolwegen, vignetten en volle tankbeurten, maar voor bestemmingen dichtbij huis valt dat in de praktijk vaak enorm mee", zegt Freek Jurg, tolspecialist van Wegenvignetten.nl. “Voor België en Duitsland betaal je geen snelwegvignet en nauwelijks tol. Dan blijven vooral de brandstofkosten over. Alleen als je bepaalde Duitse steden wilt bezoeken, moet je nog wel rekening houden met de kosten voor een milieusticker.”
Bij verdere bestemmingen wordt het beeld genuanceerder. Frankrijk zit gemiddeld redelijk dicht bij de verwachting, al loopt het verschil per regio sterk uiteen. Een rit naar de Dordogne valt mee, terwijl de Côte d’Azur juist duidelijk duurder is. Italië en Kroatië zitten veelal rond de verwachting, afhankelijk van tolwegen en benodigde vignetten.
Spanje springt er negatief uit. Nederlanders die Spanje als favoriete autovakantieland noemen, verwachten gemiddeld 460 euro kwijt te zijn. In werkelijkheid komt een retour naar Lloret de Mar echter al uit rond 549 euro, Barcelona rond 562 euro en Alicante zelfs rond 667 euro.
“Spanje voelt voor veel mensen als een logische autovakantie, maar de afstand wordt onderschat", aldus Jurg. “De tol zit vooral in Frankrijk en daar komen simpelweg heel veel kilometers bovenop. Juist bij Spanje is het verstandig om vooraf goed te rekenen, zodat de reis niet duurder uitvalt dan gedacht.”
Het onderzoek is uitgevoerd onder 1.250 Nederlanders. Respondenten is gevraagd naar hun favoriete autovakantieland en hoeveel zij verwachten kwijt te zijn aan brandstof, tol en vignetten. Wegenvignetten.nl vergeleek deze verwachtingen met realistische retourkosten vanaf Utrecht naar populaire zomervakantiebestemmingen per land. Daarbij is gerekend met een benzineauto met een verbruik van 1 liter per 15 kilometer, actuele E10-brandstofprijzen per land, tolkosten op basis van ViaMichelin en de geldende vignetkosten voor 2026. Kosten voor parkeren, overnachtingen, veerboten, milieustickers, lokale ritten en slijtage zijn buiten beschouwing gelaten.